Gouden Weken na elke vakantie

Vakantie voorbij? Grijp terug op de Gouden Week!

Na elke vakantie moeten kinderen weer even wennen aan elkaar. Leerkrachten die groepsprocessen, klassenklimaat en veiligheid hoog in het vaandel hebben staan, hebben aan het begin van het schooljaar geïnvesteerd in de Gouden Week.

In die week ligt de focus volledig op het groepsproces en wordt er alles aan gedaan om een veilige basis voor alle kinderen te vormen.

Teruggrijpen op die veilige basis kan zinvol zijn na elke vakantie. Houd dus een Gouden Week of Gouden Tweedaagse om het beste uit je klas te halen.

 

Grijp terug naar de groepsregels

Als je aan het begin van het jaar groepsregels hebt geformuleerd, is dit het moment om er even uitgebreid naar terug te grijpen. Bevraag de klas over welke regels er geformuleerd zijn, wáárom die zijn geformuleerd en hoe het voor de vakantie ging met die regels.

Moet er nog wat aangepast worden aan de groepsregels? En staat iedereen er nog achter?

Op deze manier worden de kinderen zich weer goed bewust van hoe het in de klas ook alweer ging.

 

Talenten spotten

Wanneer kinderen van elkaar weten waar ze goed en sterk in zijn, kan dat veel problemen voorkomen. Pestgedrag richt zich vaak op tekortkomingen, jaloezie en onmacht van kinderen. Door die weg te nemen en iedereen te laten schitteren, kun je pestgedrag volledig wegslaan uit je klas.

Mogelijk heb je in de Gouden Weken na de zomervakantie al stil gestaan bij talenten in de klas. Misschien zelfs een kwartetspel of bord gemaakt. Haal die weer tevoorschijn en zorg dat kinderen zich weer even bewust worden van elkaars talenten!

Het leukste is een werkvorm waarbij kinderen lekker kunnen bewegen. Zoals: zoek iemand die goed is in… en dan om die persoon heen gaan staan (maximaal drie kinderen per talent, om te voorkomen dat er bij 1 iemand heel veel en bij een ander heel weinig kinderen staan).

 

SOLE

Doe weer een SOLE om de kinderen samen te laten werken en te laten (her)ontdekken waar iedereen goed in is. De groepjes  van een SOLE stel je doorgaans niet zelf samen, want dat doen kinderen zelf. Voor de Gouden Week kun je wel de opdracht geven: werk samen met iemand met wie je nog nooit eerder samen hebt gewerkt. Zo ben je er zeker van dat er goed gemixt wordt.

De optie om van groep te wisselen kun je stilzetten of pas later introduceren (tegen het einde van de les).

 

Doe veel energizers

Er zijn genoeg energizers te vinden om het groesproces te optimaliseren. Doe dan ook lekker veel van die energizers tussen de gewone lessen door. Je zal zien dat de groepsband op die manier weer snel staat als een huis!

 

Houd jij een Gouden Tweedaagse na elke vakantie?

Naar het VO? Dit zijn de leerwegen.

In groep 8 maken alle kinderen en hun ouders een keuze voor vervolgonderwijs. Daarin zijn meerdere richtingen. Deze richtingen worden ook wel leerwegen genoemd.

Iedere leerweg is afgestemd op andere capaciteiten. Wil je alvast bekijken welke leerwegen er zijn om je een beeld te vormen van de mogelijkheden? In dit artikel zetten we de leerwegen voor je uiteen.

 

Vier stromingen

In het voortgezet onderwijs zijn vier stromingen te onderscheiden. Het betreft:

  • Praktijkonderwijs
  • Het VMBO
  • De HAVO
  • Het VWO

Hoewel een kind uiteindelijk afstudeert binnen één van deze stromingen, zijn er verschillende leerwegen te bewandelen. Hieronder lichten we dat verder toe.

Leerwegen

 

Praktijkonderiijs

Leerlingen die het niveau VMBO-bbl niet aan kunnen en moeite hebben met leren, kunnen praktijkonderwijs gaan volgen. Op het praktijkonderwijs krijgen leerlingen praktische vakken, zoals burgerschap, aan het werk en vrije tijd. Ook wonen komt aan bod, zodat kinderen worden voorbereid op het zelfstandig wonen.

Je komt niet zomaar in aanmerking met praktijkonderwijs. Er moet een test worden gedaan. Deze IQ-test zal moeten bewijzen dat je IQ tussen de 60 en 80 ligt. Ook moet je een leerachterstand van tenminste drie jaar hebben.

 

De opleiding op het praktijkonderwijs duurt vijf jaar. Kinderen worden voorbereid op:

  • het functioneren op de arbeidsmarkt
  • het leren van praktische vaardigheden
  • het leren van sociale vaardigheden

 

Na het praktijkonderwijs kunnen kinderen aan het werk. Ook kunnen kinderen doorstromen naar een beroepsopleiding op het MBO niveau 1.

 

VMBO (Voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs)

Gemiddeld gezien gaan de meeste leerlingen naar het vmbo. Het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs kent echter verschillende leerwegen.

 

Basisberoepsgerichte leerweg (BBL)

Kinderen die een praktische instelling hebben, graag leren met hun handen (en niet al te graag leren uit boeken) kunnen het BBL volgen. Hier krijg je algemene vakken en wordt je alvast voorbereid op een beroep, bijvoorbeeld in de techniek, automechanica, administratie of landbouw. De opleiding duurt 4 jaar. Leerlingen kunnen vervolgens een opleiding volgen op het MBO niveau 2.

 

Kaderberoepsgerichte leerweg (KBL)

Er zijn ook kinderen die graag praktisch bezig zijn, maar geen hekel hebben aan leren uit boeken. De kaderberoepsgerichte leerweg is er voor die kinderen. Ze doen examen in vier algemene vakken en een beroepsgericht vak. Het KBL is eigenlijk een mix tussen BBL en TL. Kinderen volgen het KBL ook 4 jaar en kunnen daarna een MBO-opleiding volgen op niveau 3 of 4.

 

Gemengde leerweg (GL)

De gemengde leerweg lijkt op het KBL, maar richt zich nog iets meer op het theoretische aspect. Het niveau is dan ook grotendeels TL.

De GL duurt 4 jaar. Nadien kunnen leerlingen een opleiding op het MBO niveau 4 volgen. De gemengde leerweg wordt niet overal aangeboden.

 

Theoretische leerweg (TL)

Kinderen die graag leren uit boeken en theoretisch onderlegd zijn, kunnen de TL volgen. Het TL is wat vroeger de mavo was.

Op het TL doe je examen in zes of zeven algemene vakken en worden kinderen voorbereid op een beroep in diverse sectoren, zoals administratie, verzorging of ict.

Na de 4-jarige TL kunnen leerlingen een opleiding volgen op MBO niveau 4.

 

HAVO (Hoger algemeen voortgezet onderwijs)

Het hoger algemeen voortgezet onderwijs is de op een na hoogste leerweg in het voortgezet onderwijs. Net als de theoretische leerweg bereidt de havo op theoretische wijze voor op op een vervolgopleiding aan het HBO.

Leerlingen doen examen in zeven algemene vakken. De havo duurt 5 jaar.

 

VWO (Voorbereidend wetenschappelijk onderwijs)

Het vwo is de hoogste stroming in het voortgezet onderwijs en wordt onderverdeeld in twee leerwegen: atheneum en gymnasium.

 

Atheneum

VWO Atheneum bereidt voor op de universiteit. De leerlingen doen examen in 8 algemene vakken. De opleiding is theoretisch en duurt 6 jaar.

 

Gymnasium

VWO Gymnasium biedt dezelfde vakken als het VWO Atheneum, duurt net zolang en bereidt ook voor op de universiteit. Het belangrijkste verschil is dat in de eerste drie klassen Latijn en Grieks gevolgd moeten worden. In de bovenbouw dient een van deze vakken gekozen te worden als vak en moet een vak voor klassieke culturele vorming worden gekozen. Gymnasiumleerlingen zoeken dus de uitdaging in leren.

Optimaal voorbereiden op de Eindtoets

Naar de middelbare school

Bovenstaande leerwegen en onderwijsniveaus geven een beeld van wat je als ouder en leerling kunt verwachten op het voortgezet onderwijs.

Met name in de VMBO-klassen, maar ook binnen de havo en het vwo komen dakpanklassen voor in de brugklas. Een kind kan dus in een kbl-tl klas of een tl-havo klas worden geplaatst. Ook havo-vwo dakpanklassen zijn normaal. Na 1 of 2 jaar kan dan de knoop doorgehakt worden en voor één niveau gekozen worden. Uiteindelijk halen leerlingen een diploma op 1 niveau en niet op een dakpanniveau. Bijvoorbeeld: een kind dat tl-havo doet in de eerste twee jaar, haalt uiteindelijk een tl-diploma of een havo-diploma.

4 activiteiten om van de Gouden Weken een succes te maken

4 activiteiten om van de Gouden Weken een succes te maken

Het doel van de Gouden Weken is om een veilige groep te creëren waarin alle leerlingen zich thuis voelen. Een groep waarin geen plaats meer is voor pesten, buitensluiten en gedragsproblemen.

De 4 volgende activiteiten maken van jouw Gouden Weken een groot succes.

 

#1 De groepsafspraken

Een heel belangrijke activiteit die veel aandacht mag krijgen is het formuleren van groepsafspraken. De groepsafspraken samen met de kinderen formuleren en vastleggen werkt vele malen beter dan wanneer ze door een leerkracht worden opgelegd.

Hoe doe je dit?

Vraag klassikaal welke regels en afspraken kinderen belangrijk vinden. Noteer alle regels en afspraken op het bord. Het zullen veel dezelfde regels en afspraken zijn.

Geef kinderen vervolgens de opdracht om samen 7 regels te formuleren die voor jullie groep vanaf nu gaan gelden, waarin eigenlijk alles opgenomen moet zijn. Denk hierbij aan een positieve bewoording (waarbij je woorden als “niet” zoveel mogelijk voorkomt).

Bespreek alle 7 regels en zorg dat ze voor iedereen duidelijk zijn. De groepsafspraken mogen nu uitgewerkt worden op een poster (waar je een creatieve opdracht van kunt maken) en worden door alle kinderen ondertekend.

Hang ze op een plek die iedereen kan zien en verwijs er regelmatig naar.

 

#2 Het groepskunstwerk

Het is leuk om “iets” van de groep in je klas op te hangen. Natuurlijk zijn er honderden manieren om aan een groepskunstwerk vorm te geven. Bijvoorbeeld deze: zorg voor een plat stuk hout van 1,5 meter bij 1,5 meter (karton kan eventueel ook) en geef de kinderen de opdracht om met verf een “groepskunstwerk” te maken.

Je kan hier heel erg variëren in vrijheid en behoefte. Heeft jouw klas behoefte aan sturing? Bepaal dan dat ze iets moeten maken (een dierentuin bijvoorbeeld). Spreek af:

  • Iedereen mag zijn eigen bijdrage aan het kunstwerk leveren
  • We zijn positief over ieders bijdrage aan het kunstwerk

Aan het einde wordt het kunstwerk op een mooie plek in de klas opgehangen.

Andere ideeën:

  • Neem de hele week de tijd voor dit kunstwerk en laat kinderen van thuis foto’s meenemen die bepalend zijn voor wie ze zijn. Maak op die manier een collage van alle kinderen in de klas.
  • Geef de opdracht om een klassendoel te bepalen (waar willen ze dit jaar aan werken met elkaar) en geef dit vorm in een kunstwerk.

 

#3 SOLE

SOLE staat voor Self Organized Learning Environment. Kort gezegd werkt het als volgt: in groepjes van 4 kinderen moet antwoord worden gegeven op een vraag. Bijvoorbeeld: hoe kan het dat een vliegtuig in de lucht blijft?

De leerkracht doet een korte introductie (ik was op vakantie met het vliegtuig en vroeg me ineens af hoe het kwam dat we niet naar beneden stortten) en geeft dan de opdracht aan de klas om het samen uit te zoeken.

Bij de SOLE mogen ze gebruik maken van 1 tablet/ computer/ Chromebook, 1 telefoon en een reeks boeken. Het antwoord geven ze op een poster.

De tijd begint te lopen (45 minuten tot een uur, afhankelijk van je klas) en nadien wordt het antwoord gepresenteerd.

Kinderen mogen ondertussen wisselen van groepjes en informatie met elkaar uitwisselen. Maar wel moeten de groepjes steeds uit 4 kinderen bestaan (hier en daar misschien 3 of 5, afhankelijk van je leerlingaantal).

 

#4 Zoek de talenten

Door te focussen op talenten gaan kinderen eerder talenten zien in plaats van tekortkomingen. In de activiteit zoek de talenten geef je de kinderen de opdracht om in kaart te brengen waar klasgenoten goed in zijn. Dat gebeurt in een open situatie, waarin kinderen met elkaar in gesprek gaan.

Op papier houden ze per kind bij wat de talenten zijn en waar deze kinderen goed in zijn.

De verwerking van deze opdracht kan op meerdere manieren plaatsvinden:

  • Maak een kwartetspel van de klas, waarin je talenten als “categorieën” hebt (mag ik van de “talenten in voetbal” Marco?);
  • Maak een talentenbord, waarbij je de foto’s van alle kinderen verzameld en daaronder hun twee grootste talenten;
  • Doe een soort van quiz en bevraag de klas bij wie ze aan zouden kloppen voor een partijtje hockey, voor het maken van een werkstuk, voor het verzorgen van een konijn etc.

 

Welke activiteiten doe jij om het beste uit je groep naar boven te halen?